Vroeger had je in de zomer de stagiair. Slim, gretig en soms verrassend overtuigd van een antwoord dat niet klopte. Deze zomer werk ik met collega’s die daar opvallend veel op lijken. Alleen zitten ze niet aan een bureau en nemen ze geen vakantie. Het zijn AI-agents: digitale
assistenten die zelfstandig een afgebakende taak uitvoeren.
Ik ben founder van een klein bedrijf. Dat betekent dat je alles zelf bent: marketing, sales, product, de administratie op vrijdagmiddag. De afgelopen maanden is daar iets in verschoven. Ik heb een aantal agents ingericht alsof het collega’s zijn, elk met een rol, een stukje context en grenzen aan wat ze zelf mogen beslissen. Mijn marketing-agent maakt een eerste versie van een campagne. Mijn sales-agent vat klantonderzoek samen. Een andere agent zoekt patronen in feedback. Ik beoordeel vervolgens wat klopt en wat niet.
En daar zit meteen de eerlijke kant van het verhaal. Een agent is geen automaat waar je een opdracht in gooit en goud uit haalt. Wie dat verwacht, is binnen een week teleurgesteld. Het lijkt veel meer op het inwerken van die stagiair. Geef je weinig context, dan krijg je een gladde, algemene tekst die nergens over gaat. Geef je goede voorbeelden, duidelijke kaders en je eigen toon mee, dan gebeurt er ineens iets goeds. De waarde zit niet in de tool. De waarde zit in wat jij erin stopt.
Wat me het meest verrast heeft, is hoe mijn eigen werk daardoor verandert. Ik ben minder tijd kwijt aan het maken, en meer aan het richten en beoordelen. Klopt dit? Is dit onze toon? Zou ik dit zelf zo zeggen? Dat oordeel kan ik niet uitbesteden, en dat wil ik ook niet. Een agent kan stellig iets beweren dat gewoon niet waar is. Als je dat klakkeloos overneemt, staat jouw naam eronder, niet die van de agent. De verantwoordelijkheid blijft bij mij. Dat vind ik geen beperking. Dat is precies zoals het hoort.
Waar ik trots op ben: als klein bedrijf dek ik nu terrein dat een paar jaar geleden een veel groter team had gevraagd. Niet omdat de agents het werk overnemen, maar omdat ze het zware tillen wegnemen zodat ik bij de dingen kan die er echt toe doen. Ondernemerschap ging altijd al over meer doen met minder. Dit is daar een nieuwe versnelling van, mits je bereid bent te investeren in het inwerken.
En daar ligt volgens mij de les voor ons vak. Ik zie klanten en partners nu ook worstelen met dezelfde vraag: wat doen we met AI? De valkuil is denken dat het een kwestie is van de meeste tools aanschaffen. Dat is het niet. Juist daar zie ik een kans voor het kanaal. Niet als leverancier van nóg een AI-tool, maar als partner die organisaties helpt AI verantwoord en effectief in hun dagelijkse werk te gebruiken. De bedrijven die hier echt verder mee komen, zijn de bedrijven die hun agents goed inwerken, hun eigen oordeel scherp houden, en verantwoordelijk blijven voor wat er naar buiten gaat.
Dus als je deze zomer even tijd hebt: begin niet met de vraag welke AI-tool je moet kopen. Begin met de vraag wat je zou uitleggen aan een goede stagiair op dag één. Daar zit je antwoord.
Want uiteindelijk is AI misschien wel de eerste stagiair die nooit moe wordt. Maar ook de beste stagiair heeft nog altijd een goede begeleider nodig.
Terry Aurik is founder van Mapit.